14.8.06

Het glazen dorp.


Het was een zeer mistige morgen toen we om 7:20 uur vertrokken met de auto naar Overijse en op de A12 richting Brusselse ring of de R0 werd het zicht er zeker niet beter op, toen we in Zaventem kwamen en de richting Namen volgden was de mist plots weg, ik heb zo een idee dat het in samenspraak met de weergoden moet geweest zijn om geen hinder te veroorzaken voor de ijzeren vogels die daar regelmatig in de lucht opstijgen of ter aarde nederdalen.
Lang werd ons dit plezier niet verleend want Zaventem was weg maar de mist was terug zij het wel in mindere mate en dit bleef zo tot op onze bestemming waar ik eerlijk gezegd op een zeer vlotte manier was aangekomen. Eerst inschrijven, nog iets eten en iets drinken en dan nog wat clubleden begroeten en weg waren wij voor ditmaal een kortere tocht van 18 kilometer, ik wist dat in deze streek de wegen nooit vlak zijn en dit bleek waar te zijn ook.
Eerst het watertje de " IJse" oversteken (vandaar dus de naam Overijse, over de IJse) met daar de IJsemolen, hetgeen een metalen waterrad bleek te zijn en dan waren we op weg om dit water gedurende enkele kilometer te volgen om linksaf te gaan en zo voor een eerste maal in het bos te verdwijnen, intussen was de mist aan het optrekken zodat we meer zicht kregen op de situatie en dat was zeer tot ons genoegen. Het zou zeker niet de laatste maal zijn dat we in het bos gingen belanden want het is hier een zeer bosrijke omgeving, het Zoniënwoud is hier nooit ver weg, je blijft als het ware spelen met de rand van dit prachtig stukje natuurgebied aan de rand van de hoofdstad.
Verder ging het door berg en dal, alhoewel het meer de naam verdiende van heuvel en dal maar er waren er toch een paar bij die enkele van onze oudere dames soms even in verlegenheid brachten, ook omdat een kranig lid van de club reeds de leeftijd van 79 heeft bereikt, maar zij kan terugblikken op een wandelcarrière om u tegen te zeggen want zij gaat nog jaarlijks te voet op bedevaart naar Scherpenheuvel en dit al voor meer dan 50 maal, heen en weer zijnde 75 km enkel. Hij die beter kan mag het zeggen, ik zal haar de boodschap overbrengen.
Er kwamen ons dan enkele heuvels tegemoet waarvan ik u de naam niet wil onthouden van wel een oude bekende zoals, de Kalvarieberg en hij deed zijn naam toch een beetje eer aan. Verder kregen we dan het tegenovergestelde nl. de Putweg en het was een put die er mocht wezen, verder ook nog het Walravensbos, nog zo een mooi brokje natuur. Verder langs de zoom van het Zoniënwoud terug naar Overijse, en laat me toe te zeggen dat dit een van de betere wandelingen was hier in Vlaanderen, een prachtstreek is het hier vlak op de taalgrens.
Wat me hier wel is opgevallen, toen ik hier vroeger vertoefde met een schoolreis of later met de fiets dat waren de ontelbare serres die men hier kon bewonderen waar de trots van Overijse en Hoeilaart uitgroeide tot prachtig gevormde druiventrossen, nu staan zeker meer dan de helft van deze glazen kasten te verkommeren en zijn het nog enkelingen die zich het hoofd boven water kunnen houden met het telen van deze lekkernij want dat is het, ik heb er gekocht op een stand in de vertrekhal waar vroeger de druiven werden geveild en ik moet zeggen, ze zijn heerlijk en dit tot spijt van wie het benijd. Wat we in Vlaanderen zelf doen, doen we beter. Punt uit.













Aan de stenen te zien zouden hier best nog eens Romeinense legioenen kunnen langs geweest zijn.
Een reactie plaatsen